2. AAN DE KOFFIE........

Vrijdag 01 mei 2020

Wij zeggen dat hier als we thuis aan het werk zijn en het is tijd voor koffie: ‘Kunnen we al aan de koffie’?  Maar koffiedrinken is heel anders geworden in deze tijd met het corona virus. Ging ik eerst altijd naar de families toe als ik een afscheid ga begeleiden, nu vinden gesprekken vaker via videobellen plaats. Ik pak dan wel altijd een kop koffie erbij en zeg dat ook tegen de families ‘we doen het net zoals dat ik bij jullie zou zitten’, maar het is toch anders en dat is heel jammer. Het bij elkaar zijn geeft toch meer vertrouwen en niet op afstand zijn is tijdens verdriet toch wel meer dan wenselijk.

Toch zit ik ook nog wel bij families thuis aan tafel, gewoon omdat de situatie er om vraagt of dat je merkt dat ze het echt nodig hebben. Die zin is een beetje vreemd dat begrijp ik ook wel, want iedereen heeft het nodig, maar het is nu zoals het is. Maar ook ‘aan de koffie’ met collega’s het is er bijna niet meer. Het is er simpel weg te druk voor, maar ook de angst die er heerst om elkaar te besmetten speelt mee. Incidenteel gebeurt het toch dat we met elkaar, op gepaste afstand, een kopje koffie drinken. Sjonge maar het is wel anders geworden. We hebben eigenlijk elkaars steun veel harder nodig en dat merk je ook als je dan toch met elkaar ‘aan de koffie’ zit, maar de omstandigheden maken alles anders.

Laatst heb ik een familie begeleid met het afscheid van hun moeder, een warm gezin met veel verdriet om hun moeder. We hadden vooraf goede afspraken gemaakt en wat was het fijn om weer ‘gewoon’ aan tafel te zitten. Gewoon tussen aanhalingstekens, want het is niet gewoon er is een afstand en troost bieden is nu ook anders. De dag ná het afscheid appte de dochter me, ze was met een steen in haar maag opgestaan en wist niet hoe ze moest opstarten. Dat komt ook bij mij binnen en dacht ‘ik moet er even heen’. Ik had die ochtend een dienst maar daarna ben ik meteen naar haar toe gereden. Toen haar kinderen de voordeur opende keken ze vol verbazing en hun moeder toverde een brede glimlach op haar gezicht en ja we zijn ‘aan de koffie’ gegaan’. Zij heeft alles verteld over de afgelopen dagen en ik heb geluisterd en dat gaat toch beter als je samen ‘aan de koffie’ bent. Later die dag appte ze dat het haar zoveel goed had gedaan en dat ze daarna weer meer energie had. Voor mij voelt het als een klein gebaar maar het doet me goed dat het zoveel verschil maakt en dat is waarom ik doe wat ik doe. Ik hoop het verschil te kunnen maken, structuur te brengen, maar ook troost te geven. Ik zorg dat ik alles op alles zet om hun geliefde een afscheid te geven die hen als nabestaanden verder helpt in hun rouwverwerking.

Afgelopen zaterdag zou ik contact leggen met een familie via beeldbellen. Ik bel dan altijd vooraf eerst even en kijken dan samen of het lukt, er zijn diverse mogelijkheden voor. Ik had de kleindochter aan de telefoon en het lukte niet meteen. Ze slaakte een zucht, haar opa en vader zaten bij haar aan tafel. Ze sprak het ook uit dat ze het maar niets vond, deze manier van contact leggen. Ik gaf aan dat ik naar hen toe kon komen als ze zich daar goed bij zouden voelen omdat toch het virus dreigt en het ook een gevaar is voor hen. Er klonk een slaak van opluchting en binnen een half uur zat ik bij hen aan tafel. Wat voelt dat goed als je daar dan zit, ja ik ben op afstand maar toch je merkt dat het fijn is voor de familie en het geeft vertrouwen.

Ik weet het, we lopen in ons vak serieus risico en daar is veels te weinig oog voor. Ik voel de angst bij mijn collega’s en wij horen niet bij de groep die getest mogen worden. Geloof me er zijn ontzettend veel collega’s besmet geraakt met het virus door het werk in de uitvaartbranche. Onbegrijpelijk eigenlijk want we werken met grotere groepen mensen, de tranen lopen vrijelijk bij de nabestaanden en oogvocht is enorm besmettelijk. Ja we houden afstand, maar eerlijk we staan toch vaak dichtbij of we geven bijvoorbeeld een kaarsje door die van hand met hand gaat met gevolg dat er oog en neusvocht op komt, dat is onvermijdelijk. Soms kan ik niet anders als mijn schouder bieden want ik ben mens en zeker niet van steen. Ik doe geen mondkapje voor, ik vind het te afstandelijk en ik moet verstaanbaar zijn en handschoenen ik heb ze steeds bij maar nog nooit aangedaan. Dat is een keuze, dat zeker maar voor mij werkt het anders niet.

Maar eerlijk? Ja ik snap de angst onder mijn collega’s en zelf denk ik ook wel eens ‘is dit wel verstandig’? Ik vind het echt onbegrijpelijk dat je de tak van de uitvaartbranche nooit hoort bij alle technische briefings en bij de persconferenties. Ja de mensen in de zorg ik maak een diepe buiging voor ze maar dat doe ik ook voor al de mensen in de uitvaartbranche want ze maken wat mee in deze tijden en zouden graag hun werk anders doen, één voor één dat weet ik zeker. Er is een grote werkdruk maar vlak het psychische aspect niet uit, dit gaat zijn sporen nalaten en zal niet verbaasd zijn als er collega’s zijn die hierna in de problemen komen.

Daarom ‘aan de koffie’ is heel belangrijk voor de gesprekken met de nabestaande maar ook samen met de collega’s en spreek de hoop uit dat er ook in deze tak snel de mogelijkheid bestaat dat er testen voor vrijkomen.