Even bellen……

Oh nee… ik kan je helemaal niet meer bellen.


Wat zou ik graag met je willen delen dat ons vierde kleinkind geboren is. Wat zou ik die rijkdom met je willen delen, zoals ik dat altijd deed.

 

Je was er vanaf mijn geboorte. Je hebt mij gekoesterd en mij altijd veiligheid geboden. Nee, je was niet mijn moeder, maar oh zo belangrijk in mijn leven. Alles kon ik met je delen: de mooie dingen van het leven, maar ook als het tegenzat, je was er altijd. Zo ben ik veel met jou op pad gegaan toen jij ziek werd. Ik hoop dat ik jou ook wat veiligheid heb kunnen bieden en daarbij tot steun kon zijn.

 

Je hebt mij zelf moeder zien worden, wat was dat geweldig om met jou te mogen delen. Je was als een oma voor onze kinderen, wat hebben zij ook veel van jou liefde mogen voelen.

Wat was het ook geweldig om met jou te kunnen delen dat ik oma mocht worden. Dat heb ik zelfs twee keer met je samen mogen beleven. Wat was je trots en wat was het heerlijk om onze kleinkinderen bij jou te zien. Je speelde met ze, net zoals je dat met onze kinderen hebt gedaan. Je had zelfs een speelgoedkist voor ze en ja ook het spelen met de wasknijpers deed je samen met hen.

 

Voordat wij je moesten loslaten wist je wel dat er een derde kleinkind op komst was, maar helaas heb je haar geboorte niet meer mee mogen maken. En nu is nummer vier geboren, wat is dat een groot geluk.

 

Onze jongste zoon is afgelopen week voor de eerste keer vader geworden. Voor hem waren jij en jouw man niet alleen als opa en oma, hij was ook jullie petekind. En nu is hij zelf vader geworden, wat zou je trots zijn geweest.

 

Toen ons vierde kleinkind werd geboren, was mijn eerste reflex om jou bellen. Meteen gevolgd door het besef dat dit niet meer kan. Dat overkomt me vaker. Als ik bijvoorbeeld door het dorp rijd waar jij woonde: bij de afslag is er dat korte moment van automatisch denken en dan meteen het besef dat je er niet meer bent. Gek eigenlijk. We zijn al een hele tijd verder en toch gebeurt het nog regelmatig.

 

Ik hoop dat die spreekwoordelijke wolk bestaat van waaruit je ons kunt volgen. Zie je het daar, dat ik in tweeënhalf jaar tijd niet één keer, maar vier keer oma heb mogen worden? Dat de foto’s van jou met de eerste twee kleinkinderen de hele dag voorbij komen op de digitale fotolijst bij ons in de kamer en dat de oudste nog steeds jouw naam noemt?

 

We nemen je wel mee hoor, door ons leven. Jouw liefde die je mij gaf en die ook onze twee jongens hebben ontvangen  vormt een deel van de basis die de kleintjes ook nu weer mee gaan krijgen. Ook al zit je niet in ons DNA, er gaat zeer zeker een stukje van jou in hen mee. Omdat wij dat, voor altijd, met ons mee zullen blijven dragen.

 

Ik hoop dat je ziet, het ‘kleine’ geluk wat zo ongelofelijk groot is!